Douwe Tot (2) 1886-1959

Douwe Tot van “Brandaris” bij een ongeluk gedood

Bekneld tussen kantelende sloep en muur van hellingschuur

Vanmorgen omstreeks half tien heeft men in de hellingschuur van de heer Krul op West-Terschelling het ontzielde lichaam gevonden van de oud-reddingbootschipper van de “Brandaris” Douwe Tot. De heer Tot, die bezig was met het opknappen van een sloep van Natuurmonumenten, is bekneld geraakt tussen de sloep en de muur toen het bootje – naar men aanneemt door het breken van een stut – kantelde. Niemand is getuige geweest van het ongeluk. Douwe Tot zou op 30 november 73 jaar zijn geworden.

Douwe Tot is bij verschillende gelegenheden onderscheiden. Deze foto werd gemaakt toen de Poolse regering hem in 1949 huldigde voor de onverschrokken redding van de bemanning van de “Katowice”.

Douwe Tot had op 1 oktober 1950 het commando van de reddingboot “Brandaris” overgedragen aan zijn zoon Klaas Tot, die later zo jammerlijk om het leven kwam toen hij bij een zeiltocht onder Terschelling overboord sloeg. Douwe Tot heeft vroeger alle wereldzeeën bevaren en in de eerste wereldoorlog heeft hij alle gruwelen van de zee-oorlog leren kennen. Voortgekomen uit een geslacht van redders werd hij in februari 1923 lid van de reddingbootbemanning.

Hij werd stuurman en op 1 oktober 1930 kreeg hij het commando over de “Brandaris”, een functie die hij precies twintig jaar lang zou uitoefenen. Hij maakte in totaal 142 tochten met de reddingboot en bracht met de zijnen 251 schipbreukelingen in veilige haven.

Een van de zwaarste reddingtochten, die hij maakte was die naar het Poolse schip “Katowice”, dat in de orkaan van de eerste maart 1949 op de Westergronden terecht kwam. Douwe Tot en zijn zoon Klaas, Jaap en Feike de Beer, die een tocht hadden gemaakt op het Wad naar een in moeilijkheden verkerende schelpenzuiger, vlogen door de ziedende branding op de Pool af. Even hing daarbij hun leven aan een zijden draadje toen een zware golf de oersterke buiskap in elkaar beukte, waardoor het stuurwiel klem kwam te zitten. Met een bijl heeft men toen de handspaken van het stuurwiel geslagen en alsnog de 26 Polen van het reeds zinkende schip gered.

De Poolse regering voegde voor deze onverschrokken daad het gouden kruis van verdienste van Polen toe aan de vele, die zijn borst al sierden, o.a. de grote gouden medaille van de Kon. NZHRM en de Zilveren eremedaille van de Orde van Oranje Nassau. Douwe Tot was verder broeder in de Nederlandse Leeuw.

Na zijn pensionering heeft Douwe Tot de zee niet vaarwel gezegd. Hij werd opstapper op de sleepboot “Holland” van Doeksen en ondanks zijn jaren maakte hij verschillende tochten in zwaar stormweer mee. Ook nu was hij nog steeds actief. Zijn tragisch verscheiden heeft op Terschelling grote verslagenheid teweeg gebracht.

 

Bron: Leeuwarder Courant 2-11-1959